Bij onderzoek naar tradities stuit je op opmerkelijke aanpassingen door de tijd heen. De uitspraak “zoals het vroeger was” krijgt daarmee een wat fluïde karakter. Klederdracht evolueert van uitbundig naar ingetogener, details op bouwwerken veranderen van heksen afweer naar bliksemafleider en natuurgeesten worden watermonsters. Niets blijft eeuwig wat het is…
In deze tijdelijke tentoonstelling zien we een fraai overzicht van de evaluatie van klederdracht met een uitzonderlijke focus op Noord Beveland. De veranderingen op gebied van dracht komen ook mooi tot uiting in een aantal schilderijen waarvan een deel uit privébezit tijdelijk is opgenomen in dit overzicht. Speciale aandacht is er voor de evolutie van hoeden in de klederdracht. In de schilderkunst zien we werken van Cornelis Zwigtman en zijn leerling Karel Kramer. Van de zoon van Karel Kramer zijn schetsen opgenomen die met name een mooi beeld geven van kleding zoals gebruikt in Wissenkerke.
Volksverhalen horen onlosmakelijk bij tradities. Het regionale verhaal van Jan Haak waarschuwde kinderen ervoor niet te dicht bij de waterkant te komen. Deden ze dat wel dan liepen ze kans gepakt te worden door een duivels monster dat in het water leefde. Een ander, ook buiten de regionale grenzen gebruikt, figuur was de Greenman. Oorspronkelijk een heidens symbool dat evolueerde tot christelijke belofte van wedergeboorte. In de expositie zien we van beide figuren beeldende kunst en een eigentijdse interpretatie van Greenman door kunstenaar Wim Bakker. Wim is afkomstig uit een Bevelands schilders geslacht dat begint bij de Noord-Bevelandse schilder Karel Kramer. Met zijn interpretatie van de Greenman zet hij de familietraditie geheel in lijn met het thema van deze boeiende tentoonstelling voort.